De klokken in een deel van Europa lagen in de eerste maanden van 2018 zes minuten achter op de wereldtijd. Dit gebeurde niet door technische storingen of fouten in de klokken zelf, maar door een complexe kloksynchronisatieprobleem. De fout had betrekking op de manier waarop de klokken werden afgesteld op basis van de wereldtijd.
De tijdverschuiving werd opgemerkt door technici en observatoren die de klokken in verschillende landen controleerden. Hoewel de fout niet leidde tot ernstige gevolgen, was het een merkwaardig fenomeen dat deel uitmaakte van de jaarlijkse kloksynchronisatieprocedures.
De oorzaak van de storing werd later onderzocht en bleek te liggen in een onjuiste aanpassing van de tijdzone. De klokken werden niet correct afgesteld op basis van de officiële tijdstand, wat leidde tot een tijdelijke afwijking.
De fout werd opgelost door de klokken opnieuw te synchroniseren met de wereldtijd. Het incident werd als een zeldzame maar niet gevaarlijke situatie beschouwd.


























